Home
<< terug a


Marktwerking dient maatschappelijke doelen

Johan Troelstra

Vakbonden en politici lopen te hoop tegen de introductie van marktwerking in de maatschappelijke dienstverlening, uit vrees voor verminderde kwaliteit en meer werkloosheid. Veel te voorbarig. De introductie van marktwerking leidt op de lange termijn wel degelijk tot verhoging van de kwaliteit, tegen lagere kosten. Mits alle partijen hun verantwoordelijkheid nemen. Als eerste de politiek, want laten wij niet vergeten dat er een zeer ingrijpende financiële doelstelling ten grondslag ligt aan de nieuwe wetgeving.

In alle sectoren zie je dat bij de eerste aanbestedingsrondes veel opdrachtgevers nog behoorlijk onhandig zijn bij de uitvraag en vooral kijken naar de prijs. Maar betrokkenen leren snel, van eigen en andermans fouten. Vooral omdat de cliëntenorganisaties zich verder professionaliseren en een steeds belangrijker plaats krijgen. Bij een tweede ronde zal de uitvraag dus scherper zijn en de kwaliteit van de dienstverlening een steeds grotere rol gaan spelen.

Provincies en gemeenten spelen een cruciale rol bij een succesvolle aanbesteding. Als inkoper van voorzieningen zoals zorg en openbaar vervoer zijn zij verantwoordelijkheid voor het bepalen van de vereiste kwaliteit. Daartoe dienen zij eerst nauwkeurig inzicht te krijgen in de vraag en behoefte van de eindgebruikers. Een tweede stap voor de inkopers is het verkrijgen van inzicht in de markt, wat veel verder gaat dan weten wat er nodig is voor het krijgen van de laagste prijs. Het doorgronden van de mogelijkheden van marktpartijen en van de dynamiek van de markt op de lange termijn is noodzakelijk om tijdens de aanbesteding de juiste vragen te stellen.

Dat het bijvoorbeeld nog niet gelukt is om de vervoerders medeverantwoordelijk te maken voor het stimuleren van het gebruik van het openbaar vervoer, is vooral aan de kwaliteit van de inkoopfunctie te wijten. Toch kun je daar tijdens het opzetten van de aanbestedingsprocedure, de gunningcriteria en het uiteindelijke contract rekening mee houden en vervolgens de marktpartijen op afrekenen.

We zien nu dat in sommige sectoren de inkopende partij deze verantwoordelijkheden nog niet serieus oppakt. Dat leidt al snel tot cowboy-gedrag bij marktpartijen, waarbij niet de kwaliteit van de dienstverlening voorop staat, maar andere belangen, zoals winstmaximalisatie op de korte termijn. De perikelen rond de afgekeurde bussen van Arriva zijn daar een goed voorbeeld van. De provincie heeft zich in voorbereiding op de aanbestedingsprocedure niet voldoende zicht gegund op de dynamiek en de (on)mogelijkheden van het openbaar vervoer. Nu heeft ze zich als regievoerder de teugels laten ontglippen.

Ook de marktpartijen moeten hun verantwoordelijkheid nemen. Het gaat niet alleen om het maken van de beste offerte, ze moeten deze ook waar kunnen maken en hun organisatie inrichten op de veranderende vraag. Als begeleider van het aanbestedingsteam van Connexxion heb ik de introductie van marktwerking in de wereld van het openbaar vervoer van zeer dichtbij meegemaakt. Wat daarbij opvalt, is dat Connexxion zich terdege bewust was van de wijzigende omstandigheden en daar als totale organisatie serieus op is gaan inspelen.

Marktwerking is een prachtig instrument om maatschappelijke doelen te bereiken tegen een zo laag mogelijke prijs. Ik roep alle betrokken partijen dan ook op hun verantwoordelijkheid te nemen, de verschillende belangen te accepteren en een samenwerkingsmodus te vinden. De sleutel hiervoor ligt bij de gemeenten en provincies die het inkoopproces structureel moeten verbeteren. Gooi het kind niet met het badwater weg, maar ga op zoek naar wat de klant echt wil en durf te zien waar je kansen liggen. Dat werkt beter dan de barricades opzoeken.

Johan Troelstra is directeur van Sparkling ID consultancy en interim management, een bureau dat gespecialiseerd is in organisatieontwikkeling als gevolg van (Europese) aanbestedingen

Dit artikel verscheen in het Financieele Dagblad op 1 mei 2007

<< terug
Cookie-instellingen