Klanten én medewerkers zijn gebaat bij nieuwe wet
Kwaliteit in zorg juist verhoogd door introductie Wmo
Met de invoering van de Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning) per 1 januari 2007 is een grote stap gezet naar de introductie van marktwerking in de zorg. De huishoudelijke verzorging valt straks als eerste zorgfunctie onder deze nieuwe wet. Thuiszorginstellingen, vakbonden en politici schreeuwen moord en brand. Zij vrezen banen- en kwaliteitsverlies. Onterecht, betoogt Johan Troelstra, want de introductie van marktwerking in de maatschappelijke dienstverlening leidt juist tot verhoging van de kwaliteit en zorgt voor meer banen, tegen lagere kosten. Dat het werkt, is al bewezen in de wereld van het openbaar vervoer. Het moet echter wel doordacht gebeuren.
Door de invoering van de Wmo komt de huishoudelijke verzorging onder verantwoording van de gemeente. Op een later moment zullen ook andere functies uit de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten, zoals het maatschappelijk werk, overgaan naar de Wmo. Om invulling te geven aan hun nieuwe taak, hebben gemeenten aanbestedingen uitgeschreven en nieuwe aanbieder(s) voor thuiszorg geselecteerd. Zij moeten zich daarbij houden aan de spelregels van de Europese aanbesteding. In sommige gemeenten, zoals in Lisse, zijn meerdere zorgverleners geselecteerd, die voorheen nog niet werkzaam waren in de gemeente.
Winst
Dat leidt nu tot paniek bij de
aanbieders die buiten de boot zijn gevallen, omdat zij vrezen voor banenverlies.
Ook vakbonden en politici roepen beelden op van verminderde werkgelegenheid en
verlies van kwaliteit. Gemeenten zouden bij gebrek aan kennis en ervaring
vooral selecteren op de prijs. In mijn optiek is dat veel te voorbarig en zelfs
enigszins hypocriet. Uiteraard zijn er bij de introductie van zo'n nieuw systeem
kinderziektes, dat hebben we ook gezien bij andere sectoren waar marktwerking is
ingevoerd. Maar op de langere termijn levert het voor alle partijen winst op.
Daarbij is het wel belangrijk dat alle partijen hun verantwoordelijkheid nemen.
Als eerste de politiek, want laten we niet vergeten dat een betaalbare zorg nu
en in de toekomst een van de belangrijkste doelen is bij de invoering van de
Wmo.
Streekvervoer
Een dergelijke
bezuinigingsdoelstelling hoeft geen probleem te zijn, kijk maar naar de wereld
van het streekvervoer, waar in 2000 de marktwerking werd geïntroduceerd.
Sinds die tijd is de prijs voor een eenheid openbaar vervoer structureel 20%
lager geworden. Tegelijkertijd is de kwaliteit van de dienstverlening voor de
reizigers flink toegenomen: er is een betere dienstregeling, er wordt gereden
met moderner materieel en ook de informatievoorziening voor reizigers is
verbeterd. Kortom: meer kwaliteit tegen een lagere prijs. Daarbij is de
werkgelegenheid niet afgenomen, maar juist toegenomen. Vooral door de
uitgebreidere dienstregeling. En dan heb ik het niet over minimale roosters,
maar over volwaardige arbeidsplaatsen, want ook hier zal de tucht van de markt
haar werk doen.
Kwaliteit
Ook in het openbaar
vervoer hebben we gezien dat bij de eerste aanbestedingsrondes veel
opdrachtgevers nog wat onhandig zijn bij het vaststellen van wat ze nu precies
willen inkopen en vooral kijken naar de prijs. Maar men leert snel, van de
eigen en van andermans fouten. Vooral omdat de cliëntenorganisaties zich
verder professionaliseren en een steeds belangrijker plaats krijgen. Bij een
tweede ronde zal de vraagstelling dus scherper zijn en de kwaliteit van de
dienstverlening een steeds grotere rol gaan spelen. Ook in de wereld van de
thuiszorg zullen na de eerste turbulente tijd eerder meer dan minder banen
worden gecreëerd. Vooral op uitvoerend vlak en minder in de
managementlagen, want men meet uiteindelijk de kwaliteit af aan 'de handen aan
het bed'.
Uitdaging
Als ontwikkelaar van het
aanbestedingsteam van Connexxion heb ik de introductie van marktwerking in de
wereld van het openbaar vervoer van zeer dichtbij meegemaakt. Wat daarbij
opvalt, is dat Connexxion zich terdege bewust was van de wijzigende
omstandigheden en daar als totale organisatie tijdig op ingespeeld heeft.
Daarin ligt ook een grote uitdaging voor de directies van zorginstellingen en
andere organisaties die straks onder de Wmo vallen, zoals het maatschappelijk
werk. In plaats van zich afwachtend op te stellen of klagerig de gemeente de
schuld te geven, doen zij er verstandiger aan goed na te denken hoe zij hun
organisatie beter kunnen toesnijden op de veranderende vraag. Het gaat niet
alleen om het maken van de beste offerte. Verdiep je in wat de klant echt wil
en kijk ook hoe je daaraan het beste kunt voldoen met je eigen organisatie.
Gebruikers
Ook voor gemeenten ligt
er een grote uitdaging. Zij zijn als opdrachtgever en regievoerder
verantwoordelijk voor de kwaliteit van deze voorzieningen en daarmee voor het
ontwikkelen van de markt. Aan hen de schone taak inzichtelijk te krijgen wat nu
precies de vraag van de eindgebruikers is en hoe je daar een zo goed mogelijk
antwoord op kunt geven. Daarbij is het mooie van de Wmo dat bij wet is
vastgelegd dat gebruikersplatforms gehoord moeten worden. Dus krijgen de finale
gebruikers nu een stevige plek aan tafel, waardoor de kwaliteitsimpuls in de
loop van de tijd steeds sterker wordt.
Barricades
Marktwerking is een
prachtig instrument om maatschappelijke doelen te bereiken tegen een zo laag
mogelijke prijs. Ik roep alle betrokken partijen dan ook op hun
verantwoordelijkheid te nemen. Gooi het kind niet met het badwater weg, maar ga
op zoek naar wat de klant echt wil en durf te zien waar je kansen liggen. Dat
werkt beter dan de barricades opzoeken.
Johan Troelstra is directeur van Sparkling ID consultancy & interim management, een bureau dat gespecialiseerd is in organisatieontwikkeling als gevolg van (Europese) aanbestedingen.
Dit artikel verscheen in het Haarlems Dagblad op 23 december 2006
<<terug